Woordenlijst (riool termen)

Het kan soms op deze website voorkomen dat er moeilijke woorden gebruikt worden omdat er niet in een paar korte woorden hetzelfde omschreven kan worden. Daarom treft u hier een woordenlijst aan met veel voorkomende woorden.

Moeilijke woord. Uitleg over het woord.
Afschot: Nog geen uitleg voor.
Bebouwde kom: Huizen binnen een stad of dorpskern.
Droogweer afvoer: Afvoer van het vuile afvalwater bijvoorbeeld een toilet, wasmachine e.d. (afgekort DWA)
Drukriolering: Rioolafvoer die door middel van een pompput naar een woonkern afvoert.
Gescheiden rioolstelsel: Twee afzonderlijke buizen lopen naar de straat, een voor het vuile water en een voor het schone water. Het schone water kan ook afgevoerd worden naar een sloot of vijverpartij.
Gootsteenontstopper: Een rode zuignap met een houten steel.
Hemelwaterafvoer: Dak - gootafvoeren (afgekort HWA).
Olie benzine afscheider: Put tussen de afvoer van autowasstraten en pompstation of industrie om olie benzine en bezinksel van het afvalwater te scheiden.
Riolist: Is iemand die een riool ontstopt (dus net zoals een brandweerman blust).
Schoon water riool:

Speciaal aangelegd riool voor dak en gootafvoeren, en ook voor putjes in opritten en op bedrijfsterreinen. Dit water mag in de sloot afvoert worden.
Sifon: Bocht in rioolafvoer ter voorkoming van stank.
Straatkolk: Put(ten) langs de kant van de weg / stoep of op parkeer terreinen die het regenwater afvoeren.
Tegenschot: Nog geen uitleg beschikbaar.
Urinoir: Porseleinen plasbak voor mannen.
Vetput: Put tussen de afvoer van grootkeukens en het riool, bij horeca en industrie, om vet en bezinksel van het afvalwater te scheiden.
Vuilwater afvoer: Rioolbuis uitsluitend voor toilet, douche, wasmachine e.d. die het afvalwater naar de rioolwaterzuivering transporteert.
Zwanenhals: Kan ook sifon worden genoemd, wordt ook wel geplaatst tussen het huisriool op de erfscheiding als stankafsluiter.